Skip to navigation | Ga naar menu

Eerste aankoop Leiden, ooit hoeve van Amsterdamse bankier

8 augustus 2019

Restaurant Engelbertha Hoeve aan de rivier de Rijn in Leiden was vele jaren een begrip. Het horeca-echtpaar Arslanagic runde dertig jaar de zaak, maar kon geen opvolger vinden. Straks krijgt de hoeve weer de woonfunctie die het had, toen de schatrijke Amsterdamse bankier Andries Stadnitski eigenaar was. Lees meer over deze eerste aankoop van Stadsherstel in Leiden en Andries Stadnitski.


De voorgeschiedenis van het pand dateert mogelijk van 1666. Het gaat dan om het achterliggende woongedeelte met kelder en opkamer en de voormalige wagenschuur. Het pand is daarna vele malen verbouwd maar de opmerkelijke T- vorm van de boerderij is al te zien op de kaart van de kadastrale minuut van 1832. Het pand was toen eigendom van de rijke Amsterdamse grootgrondbezitter Andries Stadnitski (1782-1839), hij vertrok na de Franse bezetting uit Amsterdam en ging in het nabijgelegen Huize Rhijnhof wonen. De boerderij werd door hem verpacht.


Stadnitski was een Amsterdamse bankier en zakenman op het kantoor van Stadnitski & Van Heukelom. Daar werkte ook zijn schoonvader, Frans van Heukelom, met wiens dochter hij zou trouwen. Na Stadnitski's overlijden in 1839, werden op verzoek van zijn weduwe Suzanna van Heukelom en zijn kinderen alle bezittingen geveild in het Heerenlogement in Leiden. De boerderij met bijbehorende landerijen werd aangekocht dor Jan Pieterszn van Egmond en als volgt omschreven:

“eene kapitale Bouwmanswoning genaamd Welgelegen met onderscheiden vertrekken stalling van acht en twintig stuks vee koetshuis en paardenstal. Zomerhuis, karnmolen, varkenshok, dorschvloer, twee hooibergen erf met moestuin en verdere geboomten tuin en perceel weiland staande en gelegen aan de Hoogemarsch".

Tot 1858 werd het verpacht maar uiteindelijk gingen Jan van Egmond en vier volgende generaties er zelf wonen.


Kaart uit 1627 van Pieter Hendricxzn van Bilderbeeck met de voorganger van de hoeve.

Andries Stadnitski
De voorvader van Andries, Daniel Stadnitski (ca. 1654-1718) vestigde zich vanuit Rakow (Polen) in de bloeiende Hollandse koopmanstad als saaiperser. De familie behoorde tot de zogenaamde Collegianten, een vrijzinnige doperse beweging. Door huwelijken met vermogende doopsgezinde dames en een kwieke koopmansgeest wist de familie in de 18e eeuw tot grote welstand te komen. Het was vooral Andries' vader, de vooruitstrevende zakenman Pieter Stadnitski (1735-1796) die de familie groot aanzien gebracht had als eerste Amsterdamse handelaar in Amerikaanse effecten en landerijen. Hij was oprichter van het Amsterdamse bankiershuis Stadnitski & Van Heukelom. Hij trouwde met Christina Coster (1744-1799). Zij kregen twee zonen en twee dochters. Hun oudste zoon Jan Stadnitski (1775-1817) ging zich bezighouden met kunst en wetenschappen. Maar zoon Andries zette met schoonzoon Jan van Heukelom (1773-1817) de beleggingszaken van vader Pieter voort. Het bankiershuis Stadnitski & Van Heukelom werd in 1904 overgenomen door de Amsterdamsche Bank, nu ABN AMRO.

 

De Hoogemarsch

De Rijn, waarlangs de Hoge Morsweg 140 is gelegen, is een belangrijke verkeersader in de geschiedenis van Nederland. Tijdens de Romeinse tijd lag hier de noordelijke grens van het Romeinse rijk (Limes) en waren er diverse castella langs de Rijn gebouwd. De route over land voerde met name over de Hoge Morschdijck (nu Rhijnhofweg en Hoge Morsweg) die uitkwam op de Morspoort van Leiden. De benaming Mors komt vermoedelijk van ‘moer’ of ‘muor’ wat veen(-grond) of moeras betekent.

Door kraak niet gesloopt

Het gebied waar de boerderij op stond, behoorde tot de gemeente Oegstgeest maar werd in 1966 geannexeerd door de gemeente Leiden. In 1976 kocht die gemeente de boerderij en de landerijen voor het bouwen van woningen. Tot 1977 mocht de familie van Egmond blijven wonen op de boerderij, na hun vertrek werd deze gekraakt door een buurjongen waardoor de verkoop van de boerderij aan een projectontwikkelaar en herontwikkeling niet doorgingen.
Het pand raakte in verval en het werd uiteindelijk in 1979 verkocht aan het echtpaar Abraham (82 jaar) en Engelbertha Favier (68 jaar). Nadat ze het pand gerestaureerd hadden, startte dit zeer ervaren horecapaar in de voormalige boerderij hun restaurant Engelbertha Hoeve. Na het overlijden van Abraham Favier in 1984 runde mevrouw Favier de zaak nog vijf jaar, daarna namen Aldo en Diny Arslanagic het van haar over en zetten het restaurant voor drie decennia onder dezelfde naam voort.
Omdat het hen niet lukte om opvolgers te vinden, kwam vanuit Leiden de vraag of Stadsherstel Amsterdam zich wilde inzetten voor het behoud van de monumentale boerderij. Omdat het werkgebied van Stadsherstel Amsterdam onlangs is uitgebreid naar 45 kilometer rondom de stad Amsterdam, leek dit een goede kans. 



Impressie mogelijk vooraanzicht - Architektenburo Marcel van Dijk vof

Woningen in de Engelbertha Hoeve

Het plan is om meerdere huurwoningen met behoud van de historische onderdelen en de bouwkundige structuur te realiseren. Het monumentale woonhuisdeel laat zich op een vrij logische wijze horizontaal splitsen in twee woningen. De historische onderdelen en de bouwkundige structuur kunnen hierdoor goed worden hergebruikt en blijven volledig intact. In beide zijvleugels, de voormalige lage schuur en de wagenschuur, zijn twee kleine appartementen ontworpen. In de hooiberg en de achtervleugel, de voormalige koeienstal, worden ook woningen gerealiseerd. Het is allemaal nog in de planningsfase.

Open met Open Monumentendagen

Zelf een kijkje nemen? Tijdens de Open Monumentendagen op 14 en 15 september aanstaande staan de deuren van dit Stadsherstel pand ook open. Aanmelden is hiervoor niet nodig. Vrijwilligers uit Leiden vertellen dat weekend meer over de historie van het pand en geven een korte rondleiding.

Bronnen:
Family History blogs - Derk Jordaan: Pierre Stadnitski (1798-1843), ‘een portret’ 
Bouwhistorische verkennng van Hoge Morsweg 140 door R. Boter, Bureau MoNed in opdracht van Stadsherstel Amsterdam
Wikipedia

Categorie: Algemeen nieuws