Skip to navigation | Ga naar menu

Oprichting Stadsherstel (2) De Amsterdamsche Kring

24 februari 2016

Hoe is Stadsherstel ontstaan en welke initiatiefnemers speelden hierbij een rol? Kom hier meer over te weten in dit artikel over de Amsterdamsche Kring.

Benieuwd naar de vorige verhalen? Klik HIER voor deel 1, HIER voor deel 3 en HIER voor deel 4 en lees meer over de oprichting van Stadsherstel.

De bedreigde Stad
Zoals u in het eerste deel heeft kunnen lezen werd ons Amsterdam op verschillende manieren bedreigd:

  • Het verkeer
  • De bouwvallige staat
  • De woonfunctie verdween door de vestiging van bedrijven

In 1956, het jaar dat Stadsherstel werd opgericht verscheen van de hand van Geurt Brinkgreve het boek Alarm in Amsterdam met daarin een kaartje waarop alle plannen stonden die de binnenstad dreigden aan te tasten. Hierop zijn o.a. de  te dempen grachten te zien en doorbraken t.b.v. een betere verkeersdoorstroming.



Na de aanvaarding door de gemeenteraad van een aantal ‘wederopbouwplannen’ - die gepaard zouden gaan met grootschalige sloop - in februari 1953 begon het besef onder de Amsterdamse bevolking door te dringen dat de schoonheid van Amsterdam serieus werd bedreigd. In de zomer van 1954 werd een tentoonstelling gehouden in het Amsterdams Historisch Museum - in die tijd gevestigd in de Waag - onder de titel ‘Verdwijnend Stadsschoon’, waarmee de kwestie onder de aandacht van het grote publiek werd gebracht.

Brinkgreve, Van der Does de Willebois en Delprat
De jonge kunstenaar/journalist Geurt Brinkgreve schreef enkele vlammende artikelen in Elseviers Weekblad en in het orgaan van de Bond Heemschut, maar was ervan overtuigd dat er meer moest gebeuren. Hij wilde de opgelaaide geestdrift voor het historische Amsterdam omzetten in daden. Maar, zo wist hij, als jong kunstenaar had hij weinig kans om het gemeentebestuur een andere weg te doen kiezen. Hij nam contact op met de president van het Gerechtshof, jhr. mr. J. van der Does de Willebois, hem beter bekend als ‘oom Joost’. Deze notabele was een actief Heemschutter en natuurbeschermer. Van der Does schreef een brief aan de voorzitter van de Kamer van Koophandel, mr. D.A. Delprat, waarin hij het probleem uitlegde. Ome Joost drong aan op een gesprek bij Delprat thuis waar ze rustig over het onderwerp konden praten en dus niet een ½ uurtje op kantoor. In het daarop volgende gesprek werd het idee geboren om een breed samengesteld en gezaghebbend comité te vormen om de dialoog met het stadsbestuur aan te gaan.


Bezichtiging van een maquette van de wederopbouwplannen van de Jodenbuurt op 17 november1958. Van links naar rechts de Rotterdamse burgemeester G.E. van Walsum, wethouder G. van ’tHull, burgemeester G. van Hall en directeur Publieke Werken A. van Walraven.

De Amsterdamse Kring
Eén van de uitkomsten van het gesprek tussen de twee Amsterdamse notabelen en de jonge kunstenaar was dat Brinkgreve de leden van de Amsterdamse Kring* in een voordracht op de hoogte zou stellen over de bedreigingen voor de stad.

*De Amsterdams(ch)e Kring is drie weken na het einde van de Tweede Wereldoorlog opgericht door 27 hoofdstedelijke notabelen om bij te dragen aan de wederopbouw van de stad. Tijdens de maandelijkse bijeenkomsten worden thema’s die aan deze missie zijn gerelateerd, bediscussieerd. De Kring bestaat nog steeds en ondersteunt projecten die een positieve bijdrage leveren aan Amsterdam en de regio.

Comité De Stad Amsterdam
De lezing van Brinkgreve - en van de wethouder Publieke Werken en Stadsontwikkeling Goos van ’t Hull, die twee weken later de visie van gemeentelijke zijde mocht belichten - werd inderdaad door het bestuur van de Amsterdamse Kring aangegrepen om de plannen uit te voeren die Van der Does de Willebois, Delprat en Brinkgreve eerder hadden uitgewerkt om tot een breed samengesteld, gezaghebbend comité te komen. In het jaarverslag van de Amsterdamse Kring staat hierover:

“Deze beide voordrachten waren ook daarom van groot belang, omdat zij aan het einde van het verslagjaar leidden tot de instelling van een comité, het Comité ‘De Stad Amsterdam’, dat zich onder voorzitterschap van Jhr. Six van Hillegom, ten doel stelt een groot aantal ingezetenen van Amsterdam uit de meest uiteenlopende categorieën van bedrijf en beroep bij de oplossing van het vraagstuk, hoe het karakteristieke Amsterdamse stedeschoon kan worden behouden bij het voldoen aan de steeds toenemende eisen van het economisch leven en van het verkeer, te betrekken.”

Hoewel niet vermeld, zal het uitlekken van het plan Kaasjager - in dezelfde maand waarin de beide lezingen gehouden werden - ook een rol hebben gespeeld bij het vormen van het Comité De Stad Amsterdam. Dit plan - dat de demping van een groot aantal grachten behelsde - werkte namelijk als een katalysator van het sluimerende ongenoegen over de koers die het stadsbestuur wilde varen. De hele pers en publieke opinie viel over de ambtenaar heen, waardoor de problematiek volop in de actualiteit kwam te staan.

De voorzitter van de Kamer van Koophandel D.A. Delprat tijdens een handelsmissie in New York, 7 november 1961

Op 14 januari 1955 vergaderden twaalf leden van de Amsterdamse Kring voor de eerste maal om tot de oprichting van het Comité De Stad Amsterdam te komen. Voorafgaand aan deze vergadering was een brief geschreven aan 120 notabelen waarin hen werd gevraagd zitting te nemen in een comité van aanbeveling. Slechts vijf hadden bedankt voor de eer en van veertien anderen was nog geen antwoord binnen gekomen. De rest had toegezegd, zodat het comité van aanbeveling een staalkaart van de Amsterdamse elite was.

In de vergadering werd de samenstelling van het Comité De Stad Amsterdam geregeld. Naast de twaalf initiatiefnemers vanuit de Amsterdamse Kring werden tien anderen hierin opgenomen, waaronder Heemschutter Ton Koot en de voor de oprichting van Stadsherstel zo belangrijke H. van Saane. Brinkgreve werd secretaris, maar aangezien deze zich al geregeld als opponent van de gemeente had gemanifesteerd, werd besloten dit vooralsnog niet openbaar te maken. De notulen vermelden hierover: “Teneinde overbodige wrijving te vermijden zal de secretaris in de aanvang niet als zodanig naar buiten optreden.” Maar zeer tot ongenoegen van voorzitter Six van Hillegom zouden de notulen van deze eerste vergadering naar de pers uitlekken. Daarom vond men het verstandiger Brinkgreve als secretaris te vervangen. De advocaat mr J. Jolles aanvaardde de functie, maar Brinkgreve zou als - steeds onvermelde – adjunctsecretaris het grootste deel van de werkzaamheden op zich nemen. 


Het kantoor van de voormalige Amstelbrouwerij aan de Mauritskade, waar Stadsherstel werd opgericht

Deze serie is eerder als artikel verschenen in het boek Phoenix. Verdwijnend of herrijzend Amsterdam (Amsterdam 2004), een uitgave van de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad.

#MemoryMonday
Benieuwd hoe de stad er de vorige eeuw bij stond? Volg Stadsherstel op de sociale media voor #MemoryMonday. Elke maandag foto’s van ‘krotten’ en gerestaureerde parels. 

Categorie: Algemeen nieuws