Skip to navigation | Ga naar menu
Afscheidsgeschenk van bewoonster Rapenburg 93

Afscheidsgeschenk van bewoonster Rapenburg 93

Verrassingen bij restauratie Rapenburg 93

14 september 2017

De creativiteit van bewoners van onze panden kent soms geen grenzen. Ze laten hun ontwerpen achter en vertrekken naar een nieuw thuis. De restauratie van Rapenburg 93 kent verrassingen en tegenslagen. Een onverwacht overblijfsel van een gang uit vroegere tijden, mooie bouwelementen die kunnen worden hersteld en dus die creatieve uitingen van de laatste bewoners. De schildering in de voormalige atelierruimte was het afscheidsgeschenk van de kunstenares aan ons.

Tekst en foto’s - Monique Hollenkamp

EEN GEVONDEN 18E-EEUWSE GANG

Je bent lekker op weg, strakke planning, iedereen met de blik dezelfde kant uit, zogezegd. En net als je denkt dat het pand geen verrassingen meer voor je heeft stuit je op een overblijfsel uit vroeger tijden. Dat overkwam projectleider Ruth van de Puijl bij Rapenburg 93. Een vreemde muur, een andere hoogte. Ze ontdekte de overblijfselen van een oude 18e-eeuwse gang tussen twee panden. “Over de lengte van het pand gaf een bobbel in de begane grondvloer de plaats van de daaronder liggende kelderwand aan. Met de voorbereiding voor het slopen van de kelder kwamen we erachter dat er stalen balkjes in die keldermuur lagen. Het bleek dat de muur naar de buren op die verroeste en doorhangende balkjes rustte”. Ruth vertelt het met het enthousiasme van een bouwhistoricus.

De vondst was -zoals wel vaker- een verrassing en tegenslag ineen. Het betekende natuurlijk nieuwe berekeningen en planwijzing. “Maar”, zegt ze, “het betekende vooral een stukje van de puzzel hoe het pand vroeger in zijn omgeving werd gebruikt.” In de tussentijd is hard gewerkt aan het recht leggen van de andere verdiepingsvloeren, waarna funderingsherstel alsnog kon worden gestart.

GANGEN EN SLOPPEN

1935, een gang in de Westerstraat, Stadsarchief AmsterdamDe betreffende muur is een overblijfsel van een gang of slop, een doodlopend steegje eigenlijk, uit de tijd dat er ook werd gewoond áchter de huizen die zichtbaar waren vanaf de straat. Die tijd dat er zoveel woningnood was dat families met zijn achten in één achterkamer woonden. Op de buurtkaart uit Atlas Loman (1825) is duidelijk te zien dat buurt U, het eiland Rapenburg, veel van die gangen kende. De meeste in de Foeliedwarsstraat. Maar ook tussen Rapenburg 91 en 93 liep er een. Met de grote verbouwing van 1910 is de gang verdwenen.

In het omlijnde deel van deze kaart bevindt zich project Rapenburg/Foeliedwarsstraat. De gang tussen Rapenburg 91 en 93 is goed te zien, Stadsarchief Amsterdam

FUNDEREN? DAN EERST DE BALKONS ERAF

Het funderingsherstel van Rapenburg 93 is nog aan de gang. De originele houten funderingspalen zijn ook gevonden. Maar voordat daarmee kon worden gestart moesten eerst de verroeste balkons aan de achterzijde worden verwijderd. Die waren van staal + beton met daarop een metselwerkmuur en dus zwaar. Ze werden gesloopt zodat het pand minder zou wegen tijdens het funderen. Slopen moest sowieso, want roest zorgt ervoor dat de muren gaan ‘werken’, waardoor er scheuren ontstaan. Op de foto is te zien hoe roest zicht een weg baant door de balkons langs de gevel naar beneden. In het verbouwjaar van dit pand (1910) werd staal nog niet, of niet goed, behandeld tegen roest. De nieuwe balkons zijn ook van staal, nu gecombineerd met hout, wat het geheel een stuk lichter maakt. Uiteraard is het staal behandeld tegen roest, maar ik ben benieuwd wat men over honderd jaar van deze bewerking vindt.
 
Roestsporen lopen langs de gevel naar beneden en door roest uitgezet beton

SCHEEFSTAND

Het is niet dat het projectteam van Stadsherstel van tevoren niet had geconstateerd dat het pand scheef stond. Dat was bekend. Maar het bleek toch nog een stuk schever te staan dan gedacht. De verroeste en doorhangende balkjes van de vroegere gang had gezorgd voor een hoogteverschil tussen linker- en rechtermuur, met als resultaat scheve vloeren en balken. Het hoogteverschil tussen beide muren was ongeveer 9 cm. Stuk voor stuk zijn alle balken recht gelegd. De aanbouw aan de achterzijde van de begane grond is helemaal gesloopt. Hier komt een nieuwe aanbouw met een binnenplaats voor voldoende licht in het huis.
Het hoogteverschil van de verdiepingsvloeren is hier goed zichtbaar De achter-aanbouw vóór de sloop

HOOP IN DE PUINHOOP

Het was een prettige verrassing, dat kunstwerk van de laatste bewoonster. Een heel fijn afscheidsgeschenk. Het zorgt voor vrolijke momenten tijdens de sloop en fundering. Telkens als je erlangs loopt geeft het een lichter gemoed, een sprankje hoop in de enorme puinhoop. We kunnen het helaas niet bewaren, maar lieve laatste bewoonster: reuze bedankt!

Dit was deel 7 van de reeks artikelen uit de serie IN HET SPOOR VAN AMSTERDAMSE RESTAURATIEPROJECTEN. Een reeks artikelen over de restauratieprojecten Foeliedwarsstraat 40-52, Rapenburg 93 en Geldersekade 15 van Stadsherstel Amsterdam.

VORIGE ARTIKELEN IN DEZE SERIE

Deel 1: In het spoor van restauratieprojecten Geldersekade en Foeliedwarsstraat
Deel 2: Starten met de restauratie
Deel 3: Foeliedwarsstraat: de bewoners
Deel 4: Geldersekade 15: smal en scheef
Deel 5: Geldersekade 15: een internationaal huis
Deel 6: Bouwdoek, betonsilo, palenpest, verrassingen, vertraging 

MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR 


  
   

En donateurs van Stadsherstel.

Architect: Rappange & Partners Architecten BV
Bouwdirectie: Bureau Delfgou architectuur en monumenten
Constructeur: Duyts Bouwconstructies B.V.
Aannemer: Bouwbedrijf van den Engel b.v.